Koninklijke Fanfare Sint-Dionysius Opoeteren

een eeuw fanfare in OpoeterenBen je geïnteresseerd in de volledige geschiedenis van de fanfare? Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. dan het boek 'Een Eeuw Fanfare In Opoeteren' (zie foto). De prijs bedraagt 9 euro.

In 1903 staken enkele initiatiefnemers de koppen bij elkaar, en richtten ‘Fanfare De Matige Kunstvrienden’ op. Zoals de naam al doet vermoeden, was de nieuwe muziekvereniging ontsproten uit een ‘matigheidsbond’. Naar verluidt kwamen de dag voor Sint-Rozakermis (einde augustus) ongeveer vijfentwintig instrumenten aan in het station ‘Driepaal’. Elke muzikant betaalde vijf frank, terwijl het bestuur voor de overige financiering zorgde. Dat eerste bestuur bestond uit voorzitter Arnold Geyens, Mathieu Mandervelt, Mathieu Vandersteegen, Jan Vranken en Jan Kuipers. Hoofdonderwijzer Jan Custers was de eerste dirigent.

   Maar het bestaan van de jonge fanfare liep niet van een leien dakje. De Eerste Wereldoorlog zorgde ervoor dat de meeste instrumenten verdwenen in de handen van de bezetters, en dus moest de fanfare van nul herbeginnen.

  Jos Custers nam na zijn studies in Leuven, in de jaren twintig, de dirigeerstok over van zijn vader. Hij doopte de fanfare om tot ‘De Vlaamsche Kunstvrienden’. Tijdens een gesprek in 1990 herinnert Jan Vandersteegen (Janke Stols) zich die periode nog goed. "Ik was twaalf toen ik lid werd van de fanfare", zegt hij. "We kregen muziekles van Jos Custers, en dat was nodig, want we konden geen noot lezen toen we erbij kwamen." Jos Custers werd in de jaren zestig minister de Belgische regering.

 Na Jos Custers was het Modest Claes die de dirigeerstok hanteerde. Maar ook nu zorgde de geschiedenis voor een ongewenste rustpauze. De Tweede Wereldoorlog maakte al het werk kapot, en alweer moest het toenmalige bestuur de moed bij elkaar harken om opnieuw te beginnen. Volgens de overlevering begon de wederopstanding onder het voorzitterschap van Mathijs Geebels, later burgemeester van Opoeteren. Jan Gerits was dirigent. De fanfare nam deel aan het Malbroekproces, dat jaarlijks georganiseerd werd met Sint-Rozakermis, en zo kwam er opnieuw geld in het laatje. Dirigenten waren achtereenvolgens Rene Creyns, Modest Claes en Jos Falloir. Modest Claes was voor de oorlog al eens dirigent, en was de vader van oud-minister Willy Claes.

 Maar ook nu hing er onheil in de lucht, want in 1954 verloren drie bestuursleden het leven bij een auto-ongeluk in Elen. De fanfare kwam terug van een muziekfeest. In datzelfde jaar werd Jan Thijs voorzitter. Enkele jaren later, in 1960, nam Jaak Bergmans het secretariaat over van Jaak Vranken.

1960 was een sleuteljaar voor de fanfare, want het ledenaantal steeg plots met 14 personen. Ook nam het orkest een nieuwe repetitieruimte in gebruik want voorzitter Jan Thijs stelde een ruimte in zijn woning aan de Gruitroderlaan ter beschikking van de fanfare. Bovendien werden er dat jaar voor 72.000 frank nieuwe instrumenten gekocht, wat in die tijd een bom geld was. Bewonderenswaardig is dat 30.000 frank werd samengebracht door het bestuur en enkele gulle gevers.

De zestiger jaren waren vooral gekenmerkt door talrijke optochten in stoeten. Onder leiding van dirigent Maarten Colson stapte de fanfare mee in de carnavalstoeten van Eupen, Hasselt, Genk, Aalst en Geraardsbergen. Verder was de fanfare regelmatig te gast bij allerlei festiviteiten, zoals in Meerbeke, Wieze, Leuven, Sint-Niklaas, … De fanfare was met andere woorden een veelgevraagde gast. Het feit dat het korps sinds begin jaren zestig opstapte in historische klederdracht zal wellicht meegespeeld hebben. Bovendien bracht de deelname aan al die stoeten heel wat geld in kas, en zo werd de fanfare langzaamaan een financieel gezonde vereniging. Dat was trouwens broodnodig, want al de investeringen van de laatste jaren hadden duidelijk hun sporen nagelaten.

Toen in 1972 Jan Steutelings aangesteld werd als dirigent, betekende dit opnieuw het begin van een bloeiperiode. Deze keer echter lag de nadruk minder op deelname aan optochten, maar veeleer op concerten en concoursen. Vanaf 1974 behaalde de fanfare de ene kampioenentitel na de andere. Maar ook individueel deden de Opoeterse muzikanten gouden zaken. Regelmatig kwamen zij thuis van solistenwedstrijden, waar eerste prijzen vlot werden weggekaapt. Jammer genoeg ging het muzikale succes gepaard met een dalend aantal leden. Eind jaren zeventig telde de fanfare een vierde minder muzikanten dan tien jaar eerder.

Toen in 1985 huidig dirigent Michel Vanderhoven de dirigeerstok overnam van zijn ‘mentor’ Jan Steutelings, werd een grote verjongingskuur ingezet. Dankzij inspanningen van dirigent en bestuur nam het aantal jeugdige muzikanten weer toe, en werd in 1986 zelfs een heuse concertreis ondernomen naar het Spaanse stadje Amposta. De Opoeterse fanfare was er, samen met de Koninklijke Stockheimer Harmonie Sint-Elisabeth van Stokkem, te gast bij de harmonie ‘La Lira Ampostina’. Drie jaar later werd het bezoek nog eens overgedaan, deze keer met de fanfare van het Nederlandse Buchten erbij. Ook de Spaanse muzikanten waren tweemaal te gast in Opoeteren.

De nieuwe jeugdige sfeer zorgde voor het ontstaan van Jeugdorkest Maasoeter, én voor de organisatie van een jaarlijks Jeugdmuziekkamp vanaf 1989. De jaren negentig stonden voor een verdere uitbouw van de jeugdwerking onder impuls van Erik Driessen. Ook ontstond er een hechte samenwerking met de stedelijke muziekacademie, die zorgde voor een vlotte doorstroming van jonge muzikanten naar de fanfare. Dirigent Michel Vanderhoven timmerde ondertussen hard aan de muzikale weg, en dat wierp duidelijk zijn vruchten af. In oktober 1996 begon de fanfare aan een indrukwekkende reeks overwinningen van provinciale en nationale concerttornooien. Op amper anderhalf jaar tijd werd de fanfare twee maal provinciaal kampioen, tweemaal nationaal kampioen en eenmaal algemeen laureaat van de Provincie Limburg in de lagere afdelingen. Jan Thijs, die als voorzitter ondertussen opgevolgd was door Hugo Boutsen, heeft deze gouden periode nog net mogen meemaken. Hij overleed in 1998. Tijdens zijn tweeënveertigjarig voorzitterschap heeft hij enorm veel betekend voor de fanfare, en kreeg hij verdiend heel wat culturele onderscheidingen. Als blijk van eerbetoon werd tijdens zijn afscheidsviering het huidige vaandel gewijd.

De komst van een nieuw millennium betekende voor de fanfare het aangaan van nieuwe muzikale uitdagingen. Zo werd in april 2000 ‘Music Cruise’ georganiseerd in Cultuurcentrum Achterolmen Maaseik. Dankzij de steun van het provinciebestuur en vele sponsors slaagde de fanfare erin om het podium te delen met Vlaamse vedetten als Mama’s Jasje en Barbara Dex. Het orkest bracht er samen met de artiesten, een koor en een rock-combo een onvergetelijk concert voor een volle zaal. Deze nieuwe formule sloeg wel degelijk aan, getuige het aantal toeschouwers dat de voorbije jaren de concerten van de fanfare bijwoonde. Ondertussen bleef het muzikale niveau groeien, en bereikte de fanfare op 23 februari 2002 haar beste prestatie in haar bestaan: Nationaal Kampioen in de Afdeling Uitmuntendheid, met 92,1 %. Verre van slecht voor een orkest waarvan de gemiddelde leeftijd amper 23 jaar bedraagt …

In 2002 stonden alle organisaties in het teken van de nieuwe uniformen die besteld werden voor het 100-jarig bestaan in 2003.

In Januari 2011 neemt ondervoorzitter Erik Driessen de taak van voorzitter over van Hugo Boutsen. Jos Roex wordt dan ondervoorzitter. In mei van dat jaar heeft er een unieke samenwerking plaats tussen de school en de fanfare. In het Cultuurcentrum Achterolmen van Maaseik wordt twee keer voor een nokvolle zaal het muzikaal spektakel “Rondwandeling door de Efteling” uitgevoerd.

In september van datzelfde jaar neemt Jan Schrooten, na 19 jaar ontslag als instructeur van de drumband. Hij wordt opgevolgd door Davy Martens. De drumband behaalt het jaar nadien onmiddellijk een provinciale kampioentitel met 86%. Op de finalewedstrijd in Leuven behaalden ze de tweede plaats met 80%.

Bij het begin van 2013 wordt Gert De Neve aangesteld als nieuwe schatbewaarder. Hij volgt Jaak Bergmans op die deze taak 52 jaar heeft volgehouden. Dit is ook het jaar waarin de fanfare haar 110-jarig bestaan viert.